PHNOM PENH - Er zijn een hoop dingen gebeurd sinds de laatste keer dat er geschreven is, dus ik zal me beperken tot de belangrijkste dingen die we gedaan hebben. Om jullie bij te praten, ga ik terug naar waar we in Siem Reap gebleven waren, namelijk bij het bezoeken van het indrukwekkende Ankor Wat op woensdag. We hebben 's morgens fietsen van ons hostel gehuurd en zijn met de hele groep op pad gegaan. Door al het toerisme dat we in de stad Siem Reap zelf al gezien hadden, waren we een beetje huiverig voor de hordes toeristen die we in Ankor zouden gaan treffen, maar een kans om een wereldwonder te aanschouwen weegt zwaarder op tegen de mogelijke irritanties die vrolijk poserende groepen Japanners en Koreanen opleveren. Bij aankomst werden we verwelkomt door een soort klaaggezang van Cambodjaanse jonge verkoopsters die allen op dezelfde zeurderige toon steeds: 'ladyyyyyyyy cold drink for you… one dollah ladyyyyyy pleeeasee' herhaalden. Toen we deze invasie getrotseerd hadden, beenden we snel verder naar de tempels met als bekroning de Ankor Wat tempel. Onze reisgidsen hadden een hoop grootsheid beloofd, en niets was minder waar. Het voelde wel een beetje onwerkelijk om er rond te lopen, maar iedereen begreep goed dat het enorme complex getuigde van een eens enorm Khmer-rijk. Ik besefte me dat we weinig weten over hoe het land er in die tijd uitgezien heeft. Van de westerse oudheden hebben we een redelijk beeld van hoe de maatschappij eruit gezien moet hebben, maar hier is een hoop nog onbekend. In ieder geval voor ons. Totale toewijding tot de koning en tot de goden was echter wel uit iedere relief en ieder grotesk standbeeld te lezen. Persoonlijk vond ik de Bayontempel de mooiste, waar je werkelijk het gevoel krijgt door 50 ernome vredig glimlachende gezichten in de gaten gehouden te worden, maar anderen hebben het meeste plezier beleefd aan de Ta Prom tempel. Hier is de film van Tomb Raider opgenomen en hebben we een soort Lara Croft-achtige scxe8ne nagespeeld. 20 dollar hebben we uit eindelijk moeten neerleggen voor deze hele dag, (waarvan we niet helemaal zeker zijn of dit nu wel zo goed terecht komt) maar het was het wel waard om een wereldwonder te aanschouwen met je eigen ogen. De mooie foto's die we er gemaakt hebben zullen zeker geen recht doen aan wat we hier gezien hebben. Dus, ik zou zeggen, come and see for yourself someday! Ik heb zo'n vermoeden dat het de komende 50 jaar nog wel zal staan waar het staat, zoals het de afgelopen honderden jaren al gedaan heeft.
Donderdag hebben we ook een bijzondere dag gehad die via de stichting Cambodia Dutch geregeld was. Dit is een organisatie die met name door middel van Nederlandse vrijwilligers verschillende kleine projecten coxf6rdineert en steunt. Hiervan hebben wij een een lokale gezondheidskliniek en een school mogen bezichten. Het leukste moest alleen nog komen! 's Middags hebben we namelijk mogen helpen op het platteland! We hebben met onze blote voeten in de warme plassen van de rijstvelden gestaan en onze (onflexibele) ruggen gebogen over de taak waar zovelen in dit land maanden aan een stuk, dag in dag uit over ontfermen: namelijk rijst planten. Het doel was een beter beeld te krijgen van hoe de levens van rijstboeren hier eruit zien en daarbij hebben we veel aanvullende informatie gekregen. We hebben denk ik maximaal een half uur geholpen, -waarvan het eerste kwartier eerst vriendelijk werden uitgelachen wegens onze onvakkundigheid en onhandigheid – voor we verjagen werden door de dreiging van de moesson. Het was minder zwaar werk dan ik verwacht had, maar het is weinig uitdagend en fysiek vooral veeleisend voor je rug. Nadat de rijst gepland is, moet het een aantal maanden groeien en dus hebben ze een soort systeem waarbij ze met een grote groep (een deel van de community, voornamelijk vrouwen, maar ook mannen) eerst een rijstveld beplanten en dan doorwisselen naar de volgende. De ene paar weken zijn ze dus bezig op de velden van de ene familie en als die af is, beginnen ze aan de velden van de volgende familie. Het community-gevoel is dus cruciaal om een economisch goed draaiend systeem te handhaven. Ik kan me goed voorstellen dat dit een van de redenen is waarom het individu minder belangrijk wordt bevonden dan de groep in Azixeb, dan het is in de cultuur waarin ik zelf ben opgegroeid. Op zich valt er veel voor te zeggen als je je niet tot andere inkomstbronnen kunt wenden. President Obama zei vanmorgen nog in zijn toespraak over de economische schuldencrisis van Amerika dat de Amerikaanse samenleving tegenwoordig alleen nog bestaan uit een gemeenschap van individuen, maar niet veel weg heeft van een maatschappij. Er is geen verbondenheid, omdat iedereen alleen nog denkt aan zichzelf, zo beschuldigde hij zichzelf en zijn landgenoten. Ik kan me voorstellen dat dat hier anders werkt. Mede hierdoor denk ik dat het goed voor ons was, om een keer aan de lijve te ervaren hoe het nu werkelijk is om zo je eigen eten te moeten verbouwen. Rijst, rijst, rijst,
Een van de meest gebruikte woorden deze reis (naast bizar, een goede tweede!). En zeker een van het meest genuttigde eten. Ook wij moesten er 's avonds weer aan geloven. Gelukkig stond er wel een heel bijzonder toetje op het menu hierna, namelijk een gesprek met een drietal monniken. Zij konden al onze vragen beantwoorden die we hadden over het geloof en deden dit ook graag. We vonden het spannend met zulke gerespecteerde personen te mogen spreken, maar al gauw bleek wel dat zij minstens net zo nieuwsgierig naar ons waren als wij naar hen. Wij moesten letten op hoe we zaten, of we beleefd waren en niet te hollands (lees: 'lekker direct'), maar zij vonden ons hierdoor wel erg verlegen. We werden direct uitgenodigd om de dag erna bij hun tempel op bezoek te komen (de Wat Polangka) en aangezien dit onze enige vrije dag was in dagen, konden we niet ook niet helemaal weigeren. Een paar zijn hun de volgende dag daarom nog op komen zoeken, maar de meesten kozen ervoor om te gaan zwemmen, paardrijden of de zogenaamde 'floating villages' te bezichtigen. Wat we ook kozen, we zijn we in ieder geval wel allemaal gezegend. Er is voor ons geluk en gezondheid gebeden en ook voor al onze familieleden. Met goede moed kon de reis naar Sen Monorom daarna dus voortgezet worden.
Erg veel geluk kwam ons echter niet tegemoed. Na de lange reis naar het wonderschone en bergachtige oosten (die overigens best snel gegaan is) bleek namelijk dat het verblijf die de 'natural lodges' (soort traditionele hutjes die luxe ingericht waren) die we gereserveerd hadden, een fout had gemaakt met de adminstratie waardoor ze de eerste nacht geen ruimte voor ons hadden en we noodgedwongen een nacht een ander hostel moesten boeken. Moe van al het gedoe, vielen we in snel slaap met de hoop dat het olifantenproject wel al het ongemak waard zou zijn.
Maar ook hier hadden we pech! Het ging namelijk onverwacht heel lang regenen waardoor de bergenpaden erg gevaarlijk glibberig werden. We waren er niet allemaal goed op voorbereid, want sommigen waren hun poncho's of bergschoenen vergeten. Toen we dan toch eindelijk bij de olifanten geraakten, bleek het alles inderdaad waard te zijn. Zelfs de harde regen. Deze machtige beesten waren olifanten die veelal uit toerisme gered waren en nu in een zo natuurlijk mogelijke omgeving werden ondergebracht en verzorgd. Het was een onvergetelijke ervaring om zo dicht bij de beesten te mogen komen en om ze te wassen. Ons werd verteld dat het idee van dierenbescherming totaal niet leeft onder de lokale bevolking, maar dat ze wel de middelen hebben om hun project naar een goede standaard te blijven handhaven.
De reiscommissie besloot hierna wel het laatste nachtje in Sen Monorom in de lodges te verblijven waardoor we in de avond hebben kunnen bijkomen van alles onder het genot van on-Cambodjaanse lekkernijen als falafel, indische chai en zelfs cocktails! Yam yam!
Dat is pas bijkomen! We hadden daarom ook best nog wat langer willen blijven in 'primitieve hutjes' in de mooie natuur, maar helaas was het gister weer tijd om terug te reizen. Ook deze reis ging snel, zeker nadat we een halve khmer-westerse CD hadden weten te bemachtigen. Nu zijn we weer in Phnom Pehn in een iets minder romantisch guesthouse dan de hutjes, maar het voelt fijn om weer ergens aan te komen dat bekend voor je is. 'Het voelt bijna als thuiskomen.' zeiden sommigen. Iedereen beseft zich goed dat we onze laatste dagen ingaan met de laatste projecten, maar aan echt thuis komen wordt zo min mogelijk gedacht. Het is een wereldwonder voor mij dat we hier kunnen zijn en zulke mooie ervaringen hebben mogen opdoen. Doe voor ons een gebedje dat we dat gevoel kunnen vast houden en we met goede gezondheid onze verhalen thuis los kunnen branden.
Tot snel Holland!
Groetjes van iedereen hier aan de andere kant van de wereld.
En van Eefje, die volgens Kim de hele wereld is.